Review: Zombie Nation – Zombielicious
Een recensie over het nieuwe, bij voorbaat al geniale, album van Zombie Nation en een verhaal over hoe mijn verwachtingen en muzieksmaak in de weg zaten om de onmetelijke genialiteit van Zombielicious in te zien.

Zombie Nation, het bekendste pseudoniem van de in München geboren Florian Senfter, is een uniek figuur. Hij is de laatste paar jaren wat rustiger aan gaan doen, maar in de tijd dat het door hem geproduceerde “Kernkraft 400″ in elke club de fundering deed bibberen, wilde hij in zijn live-sets nog wel een komen opdagen in een leren SM-pak of, schijnbaar zonder enige reden, een emmer tomatensap over zijn hoofd gooien. Het siert de man die omarmd werd door grote namen van DJ Hell – die verantwoordelijk was voor de release van Senfters eerste EP op International Deejay Gigolo Records – en Sven Vath – die Senfters andere pseudoniem John Starlight de kans gaf om diens geweldige track John’s Addiction uit te brengen op Cocoon Recordings. En velen jaren, tien om precies te zijn, na Zombie Nations immense hit en, inmiddels, techno klassieker “Kernkraft 400″ levert hij zijn vierde album af, in navolging van Leichenschmaus (1999), Absorber (2003) en Black Toys (2006).
Download: Zombie Nation – Kernkraft 400 (zShare)
Ik zal eerlijk zijn: Zombie Nations samenwerkingsproject met Tiga, onder de naam ZZT, had mij de hoop gegeven op iets dissonant en rellend. Onmogelijk, dansvloer(on)vriendelijk en vernieuwend als de eerste single van ZZT: “Lower State Of Conciousness”. Maar qua sound zit Zombielicious meer op een lijn met de laatste productie van ZZT, “The Worm”. De meeste tracks zijn niet zo zeer dansvloer geörienteerde, veelal omdat ze daarvoor te lichtelijk experimenteel zijn, maar de warme, analoge melodieën, rondgestrooide ‘vocal snippets’ (veel oeh’s en aah’s), overheersende bassen en bij vlagen complexe drumstructuren, hebben meer weg van een degelijk ‘luisteralbum’ dan van een met krakers overladen plaat.
Daarnaast blijkt gelijk waarom Tiga zo graag samenwerkt met deze gast uit München. Sommige tracks op Zombielicious lijken wel stiekem geproduceerd door de Soulwax-broers, die, zoals bekend, kind aan huis zijn bij Tiga (Sexor werd grotendeels door hun in elkaar gezet). Vooral de openingstrack “Mas de Todo” vertoond een aantal bekende Soulwax-technieken: overstuurde, bijna op hol geslagen synthesizers met een warme distortion (zie: “Accidents & Compliments” op Nite Versions). Maar bij die referentie blijft het niet. Zombie Nations drumpartijen voelen snare voor snare live ingespeeld, iets wat de nummers van Soulwax ook kenmerkt. Het is net dat ene element dat een grotendeels door apparatus in elkaar gedraaide productie kan verheffen tot een werkelijk iets. Zoals Tiga zou zeggen: “real music”.
En het is juist dat waar Senfter hier naar op zoek lijkt te zijn. Dat hoor je nog het meeste terug in zijn hommage aan Goblin (bij de leken bekend van de sample die Justice gebruikte voor Phantom) “Supercake 53″ en in de plotselinge mannelijke vocalen in “Get It” en “Radio Controlled” (is dat Josh Homme van Kyuss?). Het lukt de Duitser zowaar om veel van de tracks iets organisch mee te geven. Als dat niet een vocale toevoeging is dan is het de perfect uitgezochte cowbell wel of, zoals bij de eerder uitgebrachte single “Worth It Pt. 1″ (de enige echte knaller van het album), een drumpartij die net iets te moeilijk is voor een ‘standaard’ dansvloernummertje.
Ander belangrijk punt is de manier waarop Zombielicious is opgebouwd. Veel albums, zoals de eerder door mij gerecenseerde Golden Traxe van Shadow Dancer, verliezen aan kracht doordat de singles naar voren worden geschoven. Als luisteraar wordt je dan al vaak gelijk opgezadeld met het vuurwerk en een dynamiek of ‘flow’ ontbreekt dan. Het tegendeel is van toepassing bij Zombielicious: de plaat bouwt rustig op om na de single “Worth It Pt. 1″ (track 7 en daarmee precies het midden van het album) over te gaan naar een meer dansvloerbewust gedeelte, met tracks als “Filterjerks” en de geniale uptempo dubstep excursie “Shottieville”. Vanaf daar volg je een logische doch afgewogen weg naar de twee ‘zwaarste’ nummers: de andere single van het album “Forza” en het unieke “Bass Kaput“: een track waar geen woorden voor te vinden zijn.
Zombielicious is geen dance-album. Als je zit te wachten op beuk- en sloopwerk of zelfs maar iets overduidelijk dansbaar, dan ben je hier aan het verkeerde adres. Zombielicious is daarentegen wel een plaat vol magische, vlekkeloos geconstrueerde tracks van een ongekend kaliber. Warm, opzwepend, aanstekelijk, uitermate Duits (denk aan de oude Gigolo releases) en telkens anders dan je verwacht. Zombie Nation heeft zo zijn eigen regels en zijn eigen grammatica. (Lees: een vierdubbele snarehit hoeft niet een climax te betekenen.) Daar zullen sommige aan moeten wennen. Sommigen zullen daar niet eens moeite voor doen en de sound wellicht net te minimaal vinden.
Om terug te komen op mijn opmerking in de eerste zin: ik was zo’n persoon. Toen ik Zombielicious voor de eerste maal beluisterde vatte ik er geen hol van. Ik wilde bouncen, godverdomme! Maar toen realiseerde ik me dat ik door al die uptempo relmuziek van de laatste paar jaar volslagen geconditioneerd was geraakt. Ik was bijna vergeten dat een plaat niet gelijk hoeft te klinken als ‘electro’ of ‘ house’ of wat dan ook. Dit was wat de Crookers van de wereld met mijn muzieksmaak hadden gedaan. Bah. Om Zombie Nations nieuwste werk dan ook te waarderen moest ik terug naar de basis. Terug naar Aphex Twin, B12, Mr. Oizo, Basic Channel en DMX Krew. De compromisloze innovatie; het unieke; het ongemakkelijke. Toen ik mijn liefde daarvoor weer had teruggevonden, kwam ik dan ook tot de onomkeerbare conclusie dat Zombielicious een briljante plaat is. Waarom? Simpel en alleen door een woord dat alles samenvat en het verbindt met de eerder genoemde meesters. Dat woord is ‘ambigu’. Grote kunst is altijd ambigu. Of we het nu hebben over een boek van W.F. Hermans of een schilderij van Botticelli. Het kenmerkt zich allemaal door een zekere tweeslachtigheid. Er moet over nagedacht worden. Er is geen eenduidige consensus over wat het is of hoe het bekeken of, in dit geval, beluisterd moet worden. Het werpt de nodige vragen op en maakt het de toeschouwer niet makkelijk. Hierdoor ontstaat iets magischs: een dialoog tussen het werk en de toeschouwer. Dit zijn wij tegenwoordig niet meer gewend van muziek, laat staan van hedendaagse dansmuziek. Maar laten wij deze man uit München op onze knieën bedanken dat hij ons helpt herinneren dat het ook anders kan.
Download: Zombie Nation – Zombielicious Minimix
(vijf minuten durende mix die het album geen eer aan doet, maar wel een kleine impressie geeft)



Wat een goeie review man, respect voor de uitwerking. Ik moet eerlijk bekennen dat ik in eerste instantie ook nog niet erg overtuigd was van het album. Had hem ook nog niet volledig beluisterd.
Nu net even rustig een aantal tracks geluisterd, en kan er goed in herkennen wat je hebt beschreven.
Kool!
Koole review!
Ik zal het album ook gaan luisteren om zelf te kunnen oordelen